Bolero
Een
bolero punchen zonder dat de naaimachine er aan te pas komt.
Punchen
is een manier om te vilten, maar behalve vilten kun je met het punchen
ook stof vervormen. Beide technieken heb ik gebruikt voor deze bolero.
Ik
heb eerst een strook stof gemaakt door merinowol,
pongézijde en zijdechiffon te punchen op soluvlies, een in water
oplosbaar vlies.
Ik
punch aan beide kanten van het soluvlies zodat alles goed vervilt.
Daarna spoel ik het soluvlies uit en laat de stof een half uur in het
water staan zodat al het vlies opgelost is.
Vervolgens
doe ik wat groene zeep op mijn handen en vervilt vooral de randen en de
wol nog eens goed, door steeds met zeep over de randen en de wollen
stukken heen te wrijven.
Dan
spoel ik alles goed uit en doe het werkstuk in de droger op het
wolprogramma ( is maar 4 minuten). Ik
laat het verder aan de lucht drogen. Ik kijk of er geen gaten in de stof
gevallen zijn. Vooral bij de overgangen van de chiffon of de zijde is
dit goed mogelijk. De
eventuele gaten punch ik opnieuw met wol.
Deze
zo ontstane lap drapeer ik als bolero om mijn bovenlichaam en mouleer
de pasvorm. Ik speld coupenaden e.d. af en vervolgens punch
ik die. Zo ontwerp en punch ik
tegelijk mijn model.
Als
je een paspop hebt, kun je het gemakkelijker om je paspop draperen.
Mouleren
is een middel op kleding te maken zonder gebruik te maken van een
patroon. Letterlijk betekent
het ‘vormen’ en wel het vormen van kleding om een lichaam of om een
pop. Dit gebeurt door
schikken of draperen van de stof.
Het is
de oudste vorm om kleding te maken.